M.O.S. 18 Blended Malt Malts of Scotland

Glenglassaugh Tasting Gent

EventsGeplaatst door Mark Dermul wo, april 23, 2014 06:27:09

U bent van ons gewend dat verslagen van tastings kort volgen op het evenement zelf, maar in dit geval vertrok de schrijver/proever van dienst daags nadien naar het zonovergoten Tunesië voor een welverdiende familievakantie. Maar niet getreurd, hieronder volgt een uitgebreid verslag van de geweldige Glenglassaugh Tasting met Douglas Cook, die plaatsvond in Gent op 10 april.

Douglas was trouwens aan zijn allereerste toer door ons Belgenland begonnen om Glenglassaugh voor te stellen. Het wordt overigens ‘glen-glassa’ uitgesproken, niet meer of niet minder. Maak het uzelf gemakkelijk, zou ik zeggen.

De debatten werden geopend met een eenvoudig aperootje dat al langer op de markt is, nl. de Spirit Drink That Dare Not Speak Its Name. We proefden hem al eerder.

Daarna volgde een botteling waarmee enkele jaren geleden de nieuwe productie werd aangekondigd, namelijk de Glenglassaugh Revival.

Hij was flink zoet op de neus met kweepeer en rood fruit, maar ook honing en een toets van aarde. Dat komt ongetwijfeld van het feit dat het een mix is van bourbon en rioja vaten. Dat geheel werd dan nog eens 6 maanden gefinished op olorososherryvaten, wat dan weer doorschemert op smaak. Thee met een licht zuurtje en karamelappels. De finish is betrekkelijk lang met een zurig bittertje (wat?).

Na de Revival kwam de Glenglassaugh Evolution aan de beurt, die we eveneens al eerder geproefd hebben – we maakten er zelfs een videootje van, dus neem gerust een kijkje om deze whisky beter te leren kennen.

Zo kunnen we meteen overschakelen naar de Glenglassaugh Torfa, die zoals de naam al doet vermoeden, een rijkelijk geturfde versie van deze Highlander is. En het moet gezegd: hij is erg lekker! Doet me nogal aan Caol Ila denken, maar met een tropische en tegelijkertijd herbale toets. Lijnzaadolie? Op smaak krijg ik flink wat heidekruid, tropisch fruit en een zilt randje. Mooie, lange en kruidige afdronk. Hier heb ik mij een flesje van meegepakt!

Dan was het tijd voor het grote werk. Douglas had namelijk nog drie speciale flessen mee, waarvan ik vermoed dat ik niet nog eens de kans zal krijgen ze te proeven. De eerste was de Glenglassaugh 30 Year Old, gebotteld op 44,8% ABV. Flink wat banaan en een tikkeltje drop op de neus, maar ook pruimen en ananas, terwijl hij op smaak dan weer evolueert naar overrijpe mango en zoethout. De licht drogende finish vertoont wat tannine, maar niets wat niet door de beugel kan. Een echte topper, gerijpt op een refill oloroso sherryvat.

Wat daarna volgde was wel een absoluut specialleke. Het is namelijk een Glenglassaugh die reeds lang is uitverkocht en het was de laatste fles die nog in België beschikbaar was. We hebben ze even uitgekuist. Het gaat om de Glenglassaugh 1973 Rare Cask Series, gebotteld op 55,1%. Deze 34-jarige whisky offreerde op de neus zoet maar tevens droog fruit, kruisbessensap en tropisch zoete wijn, gestoofde appels en wat kaneel. Op smaak kwamen daar abrikoos, perzik, passievrucht en zelfs wat kumquat bij, die zachtjes uitdoofden in de medium lange finish. Hier werd ik toch efkes stil van.

De laatste dram van de avond kwam van een botteling die zelfs nog niet beschikbaar was op dat ogenblik. Douglas pakte een verpakking, fles en de whisky mee uit de bottelarij om hem toch maar te kunnen presenteren. We zijn daar niet boos om. Het betrof de Glenglassaugh 1978 Rare Cask Series, gebotteld op 41,7% en vanaf deze week beschikbaar voor wie zo’n 350 tot 400 EUR hiervoor veil heeft. Hij hoort in de Massandre Collection en rijpte op Madeiravaten uit de Krim (waar het nu een tikkeltje onrustig is). Die Madeira-zoetheid vertaalt zich onmiddellijk tot romige meloen en eucalyptus op de neus, gevolgd door een pruim en gedroogde abrikozen op smaak. De lange finish is nogal droog, maar dat dit een absolute topper is, behoeft geen twijfel.

Ja, deze tasting was zeer de moeite waard, hoor. Volgens mij is Glenglassaugh een beetje een nobele onbekende, maar daar zullen Billy Walker en zijn team ongetwijfeld verandering in brengen. Sinds maart 2013 staan zij immers aan het roer van deze pas in 2008 herrezen Highlander. Een distilleerderij om in het oog te houden!

Thanks, Douglas, for your interesting exposé and the wonderful drams.

  • Reacties(0)//blog.whivie.be/#post2522

Article source: http://iloapp.whivie.be/blog/blog?Home&post=2527

Caol Ila 7 Year Old 2006 Gordon & Macphail Exclusive for The Bonding Dram

Glenglassaugh Tasting Gent

EventsGeplaatst door Mark Dermul wo, april 23, 2014 06:27:09

U bent van ons gewend dat verslagen van tastings kort volgen op het evenement zelf, maar in dit geval vertrok de schrijver/proever van dienst daags nadien naar het zonovergoten Tunesië voor een welverdiende familievakantie. Maar niet getreurd, hieronder volgt een uitgebreid verslag van de geweldige Glenglassaugh Tasting met Douglas Cook, die plaatsvond in Gent op 10 april.

Douglas was trouwens aan zijn allereerste toer door ons Belgenland begonnen om Glenglassaugh voor te stellen. Het wordt overigens ‘glen-glassa’ uitgesproken, niet meer of niet minder. Maak het uzelf gemakkelijk, zou ik zeggen.

De debatten werden geopend met een eenvoudig aperootje dat al langer op de markt is, nl. de Spirit Drink That Dare Not Speak Its Name. We proefden hem al eerder.

Daarna volgde een botteling waarmee enkele jaren geleden de nieuwe productie werd aangekondigd, namelijk de Glenglassaugh Revival.

Hij was flink zoet op de neus met kweepeer en rood fruit, maar ook honing en een toets van aarde. Dat komt ongetwijfeld van het feit dat het een mix is van bourbon en rioja vaten. Dat geheel werd dan nog eens 6 maanden gefinished op olorososherryvaten, wat dan weer doorschemert op smaak. Thee met een licht zuurtje en karamelappels. De finish is betrekkelijk lang met een zurig bittertje (wat?).

Na de Revival kwam de Glenglassaugh Evolution aan de beurt, die we eveneens al eerder geproefd hebben – we maakten er zelfs een videootje van, dus neem gerust een kijkje om deze whisky beter te leren kennen.

Zo kunnen we meteen overschakelen naar de Glenglassaugh Torfa, die zoals de naam al doet vermoeden, een rijkelijk geturfde versie van deze Highlander is. En het moet gezegd: hij is erg lekker! Doet me nogal aan Caol Ila denken, maar met een tropische en tegelijkertijd herbale toets. Lijnzaadolie? Op smaak krijg ik flink wat heidekruid, tropisch fruit en een zilt randje. Mooie, lange en kruidige afdronk. Hier heb ik mij een flesje van meegepakt!

Dan was het tijd voor het grote werk. Douglas had namelijk nog drie speciale flessen mee, waarvan ik vermoed dat ik niet nog eens de kans zal krijgen ze te proeven. De eerste was de Glenglassaugh 30 Year Old, gebotteld op 44,8% ABV. Flink wat banaan en een tikkeltje drop op de neus, maar ook pruimen en ananas, terwijl hij op smaak dan weer evolueert naar overrijpe mango en zoethout. De licht drogende finish vertoont wat tannine, maar niets wat niet door de beugel kan. Een echte topper, gerijpt op een refill oloroso sherryvat.

Wat daarna volgde was wel een absoluut specialleke. Het is namelijk een Glenglassaugh die reeds lang is uitverkocht en het was de laatste fles die nog in België beschikbaar was. We hebben ze even uitgekuist. Het gaat om de Glenglassaugh 1973 Rare Cask Series, gebotteld op 55,1%. Deze 34-jarige whisky offreerde op de neus zoet maar tevens droog fruit, kruisbessensap en tropisch zoete wijn, gestoofde appels en wat kaneel. Op smaak kwamen daar abrikoos, perzik, passievrucht en zelfs wat kumquat bij, die zachtjes uitdoofden in de medium lange finish. Hier werd ik toch efkes stil van.

De laatste dram van de avond kwam van een botteling die zelfs nog niet beschikbaar was op dat ogenblik. Douglas pakte een verpakking, fles en de whisky mee uit de bottelarij om hem toch maar te kunnen presenteren. We zijn daar niet boos om. Het betrof de Glenglassaugh 1978 Rare Cask Series, gebotteld op 41,7% en vanaf deze week beschikbaar voor wie zo’n 350 tot 400 EUR hiervoor veil heeft. Hij hoort in de Massandre Collection en rijpte op Madeiravaten uit de Krim (waar het nu een tikkeltje onrustig is). Die Madeira-zoetheid vertaalt zich onmiddellijk tot romige meloen en eucalyptus op de neus, gevolgd door een pruim en gedroogde abrikozen op smaak. De lange finish is nogal droog, maar dat dit een absolute topper is, behoeft geen twijfel.

Ja, deze tasting was zeer de moeite waard, hoor. Volgens mij is Glenglassaugh een beetje een nobele onbekende, maar daar zullen Billy Walker en zijn team ongetwijfeld verandering in brengen. Sinds maart 2013 staan zij immers aan het roer van deze pas in 2008 herrezen Highlander. Een distilleerderij om in het oog te houden!

Thanks, Douglas, for your interesting exposé and the wonderful drams.

  • Reacties(0)//blog.whivie.be/#post2522

Article source: http://iloapp.whivie.be/blog/blog?Home&post=2526

Silent Distillery Profile; Lochside – Scotch Whisky History

AA scan0008

Photo Archive Compliments of Mark Davidson

Silent Distillery Profile; Lochside 

Operational: 1957[1]

Closed: In 1996. Silent in April 1992, dismantled in 1997 however the warehouses survived until 1999 when they were demolished.

Region: Eastern Highlands

Operational Owner: 1957 MacNab Distillers Ltd.

Current Owner: Muir Homes (as of 2005)

Address: Brechin Road, Montrose, Angus, DD10 9AD 

In 1957 Lochside Distillery was converted from an old Deuchars Brewery at Montrose by Joseph Hobbs (MacNab Distillers) and was initially fitted with one patent still and later four pots stills. The name of Joseph Hobbs is generally associated with Ben Nevis Distillery in FortWilliam but his name is also associated with many distilleries around Scotland. In 1931 Hobbs returned from Canada after losing a great deal of money in the depression of the time and commenced the buying up malt distilleries. In 1937 he bought Bruichladdich distillery on Islay from Harvey family, so ending that family’s long connection with the industry. In association with Train McIntyre, a Glasgow firm of wine and spirit merchants owned by National Distillers of America, he purchased Glenury Royal Distillery in 1936, Glenkinchie Distillery in 1937 and North Esk Distillery (also known as Highland Esk, Montrose, Glenesk and Hillside Distillery) in 1938. The distilleries were transferred to a wholly owned subsidiary of Train McIntyre, Associated Scottish Distillers Ltd. and Train MacIntyre brought the Strathdee distillery, Aberdeen into the group, and added Fettercairn and Benromach in 1938. The conversion of North Esk into Montrose Grain Distillery made the group fully integrated.  Hobbs re-equipped North Esk distillery to produce grain whisky and renamed it Montrose Distillery (in 1954 they sold it to the Distillers Company Limited who then transferred it to Scottish Malt Distillers in 1964 who converted it back to a malt distillery).   

The convoluted world of the whisky business. 

James Deuchars were the producers of Newcastle Brown Ale and the Montrose brewery was originally built in the 1760’s and operated as a brewery until the 1950’s. James Deuchar purchased the brewery in 1833 and Charles Doig, the famous distillery architect, designed some of the newer brewery buildings in the style of breweries in Germany Belgium. The tower, in the Bauhaus design style, housed equipment to start the brewing process and the finished beer was housed on the lowest floor. The finished beer was sold in pubs in the Tyneside markets in Newcastle. “Beeries”, the ships used to transport the beer to the Newcastle area, were loaded at the Montrose docks and this practice continued until 1956. That year Scottish Newcastle Breweries bought Lochside and shut it down moving all operations to Edinburgh. In 1957, Joseph Hobbs through MacNab Distillers bought Lochside with an eye towards its potential to produce grain whisky and this it did until 1961. When the much larger Invergordon grain distillery was built Joseph Hobbs realized that Lochside could not effectively compete against such a large rival so he had some of the brewing equipment converted to four Pot Stills and thus Lochside produced both grain and malt whisky. Further, Hobbs had these two whiskies ‘blended at birth’ (a practice he also used at Ben Nevis Distillery) where both grain and malt whisky are married together and then put into the cask for maturation.[2]  The whisky produced at Lochside contributed to the blend, Sandy MacNab’s. The Coffey still was 67 feet tall and was mothballed in 1970 after the founder, Joseph Hobbs who died in 1964. However the mothballed Coffey still was not removed until later.[3] Unusually the distillery had a bottling plant on site. 

Hobbs named his company MacNab Distilleries Ltd after John MacNab, the owner of Glenmavis Distillery at Bathgate (to the west of Edinburgh) from whom Hobbs had purchased MacNab’s brand names. From 1855 until its closure in 1910 Glenmavis used a Coffey still to make malt whisky and this unusual set up piqued Hobbs’s interest. This seems to have been the impetuous for Hobbs to install Coffey stills at Lochside and Ben Nevis.[4] 

In 1971 the distillery was closed and remained so for two years until it was bought by a Spanish company, Destilerias Y Crianza Del Whisky, abbreviated to DYC pronounced DEEK. DYC bought Lochside in order to improve the quality of the Spanish blends by using Scottish malt whisky in their own blends. The vast majority of the whisky produced at Lochside was shipped to Spain in bulk until 1996 when the last of the mature whisky left the distillery warehouse. At the same time blended whisky was bottled on site and later the owners decided to bottle their own single malt in the form of a 10 year old Lochside malt which was described as having ‘a subtle and delicate nose with a hint of peat. The flavours included a vanilla sweetness with echoes of the peat, initially found in the nosing.’

Due to the success of the whisky (high sales) the company became part of Allied Distillers in 1992. Production of Lochside single malt ended in June of the same year, and the remaining cases of whisky were then sold until all stocks were depleted in 1996. At that time the distillery was closed and the remaining staff were made redundant. 

The distillery had one cast iron mash tun and nine stainless steel washbacks. Both the mash tun and wash-backs were without covers . The stills were very similarly designed with lyne arms that have a slight downward angle, and somewhat tall thin necks that form the traditional onion shape where it joins the shoulders of the stills. The spirit was then aged in bourbon casks.

The local area from early times was known as “Clayshades” which refers to the clay area to the south and west of the distillery. At some point before 1830 the  brewery was referred to as ‘Lochside’ on land title/deed documents. [5] 

The name Lochside derives from the distillery standing beside a small loch (Mary’s Loch) which was used to provide water for production but this later dried out. The subsequent water source was an artesian well beneath the distillery supplying hard water.[6]  The risk of drawing up saline water, due to the proximity to the sea, must have been high.[7]

‘The saddest part of the story is that Lochside was an outstanding whisky. Since much of the distillery production went into blends or was exported for sale in Spain, few lovers of whisky had an opportunity to sample Lochside and it never established a reputation as a single malt.’[8]

The last manager was named Charles Sharpe and Elizabeth Riley Bell interviewed him for her article which appears in the Scotch Malt Whisky Society archives. 

The site is now completely void of distillery buildings and warehouses.


[1] The Scotch Whisky Industry Record by H Charles Craig indicates a date of 1958. The Making of Scotch Whisky Moss Hume indicates a date of 1957.

[2] Elizabeth Riley Bell-SMWS Archives

[3] Malt Whisky, A Taste of Scotland by Graham Moore

[4] Malt Whisky, A Taste of Scotland by Graham Moore

[5] Elizabeth Riley Bell-SMWS Archives

[6] Misako Udo-The Scottish Whisky Distilleries

[7] Whisky on the Rocks-Origins of the Water of Life, Stephen Julie Cribb

[8] I cannot place this quote from my reference library, apologies to the author!

This article was originally published on the Malt Maniacs and is reprinted here with permission of the author.

Article source: http://www.whiskyintelligence.com/2014/04/silent-distillery-profile-lochside-scotch-whisky-history/

The Whisky Exchange “Peaty AnCnoc – Rutter and Flaughter” – Scotch Whisky News

WEL

Peaty AnCnoc – Rutter and Flaughter

Peat smoke. To many it’s the key flavour in whiskies and for others it’s the reason they don’t drink whisky. While only relatively few whiskies are actually noticeably peaty, it’s become one of the best-known characteristics of Scotch whisky, and distilleries often define themselves by how smoky their spirit is. Some distilleries have been playing with their spirit character over the years, producing whiskies that are a bit different to expected. The latest addition to that club is Knockdhu with its new anCnoc Peaty range: Rutter and Flaughter

Peat used to be one of the most common heat sources in Scotland, and it’s from burning it to dry malting barley that the traditional smokiness gets into the malt. From the mid-1600s, using coke as a heat source grew in popularity, and as it became easier for the more remote areas of the Highlands to get their hands on smokeless fuel, whisky became less smoky. These days, peating levels are very much a choice, with maltsters allowing distillers to order malt of pretty much any level of peatiness. 

Knockdhu Old Kiln

They don’t use the old kiln at Knockdhu these days, but it is very atmospheric…

We couldn’t talk about peating in a remotely geeky way without mentioning ppm — phenol parts per million, the standard measure of peatiness. Most smoky whiskies will at some time boast of their ppm, giving an indication of how smoky they are. However, it’s not quite as easy as that — most give the ppm of the malt, something quite different to the final level in the spirit produced or the whisky when it’s bottled. While there is obviously a correlation, the mashing, fermentation, distillation and ageing processes all remove phenols and lower the ppm, so a whisky could be rather more or less peaty than you might expect from the peatiness of the barley.

When I visited Knockdhu a couple of years ago they were using barley peated to 45-48ppm, about the same as Ardbeg, but these new whiskies were distilled a bit before that, using barley peated to less than half that level — about 15-20ppm. With the big Islay malts boasting much higher numbers, the folks at anCnoc did some testing of bottled spirits to make it easier to compare the new Peaty whiskies to existing releases: 

ppm

Combine that with the table in Whisky Science’s excellent peat post and we find that anCnoc keeps a lot more of its peat during the production process than the more established smoky bottlings. There will be reasons behind this (the whisky is younger than many of the comparable bottlings; they almost certainly mash, ferment and distil differently to the Islay whiskies, their local microclimate is different, and so on) but it mainly goes to show that barley ppm isn’t that reliable an indicator of final peatiness. From a quick glance over the Whisky Science figures, I’d expect the Rutter and Flaughter to come in at a similar level to Bowmore, but they’re a fair bit peatier than that.

The release of the whiskies was accompanied by a Twitter tasting, and Stuart and I joined in with the #LightOnDark crew to have a try of the whiskies — here’s what we thought: 

anCnoc Rutter

anCnoc Rutter, 46%. 11ppm

Billy:

Nose: Mixed candied peel, candied lemon and drizzle cake, but with sharpness behind. Glazed ham touches, with some earthiness and sweet, muddy peat. Fresher fruit develops, with apple skin, sweet apple and pineapple kubes. Some more marine notes — seashells? More sweetshop aromas appear as it sits in the glass, with peat turning to fruit — foam bananas, Refreshers-style chews (but without the zing). Buttercream comes in towards the end, along with some tarry notes.

Palate: A mineral hit up front — granite and limestone. Sweetness comes in behind along with apple skin and pepper, earthy peat smoke, cinnamon and anise touches. Creaminess with vanilla and a hint of spirit develops as well as some barrel char. With water there is more tar and darkness, minerals and more intensity — liquorice perhaps?

Finish: Sweetness fades to charred oak and some more apple peel. Mineral notes remain.

Stuart:

Nose: Clean, citrus notes to the fore, with some peat in the background quietly doing its thing, and a smidgen of gingerbread spice.

Palate: Creamy texture, but fresh, focused and precise. The peat comes through but never dominates, leaving a sprightly, zippy malt with green-apple notes.

Finish: Clean, with lingering peat and fresh fruit.

 anCnoc Flaughter

anCnoc Flaughter, 46%. 14.8ppm

Billy:

Nose: Waxy up front, with muddy smoke. It’s more austere than its stablemate, Rutter, with mineral notes of granite and limestone. Green apple and sweeter fruit develops in the glass along with some chocolate, milky coffee, floral touches, butter and nutmeg.

Palate: Big mineral hit up front — gravel and granite chips. Sweetness builds behind with fresh sweet apples, floral syrup and then fades through darker flavours — stewed apples, dark brown sugar, raisins, blackcurrant and liquorice sweets, and some earth and tar. Water lightens things up and maybe not for the better — more spice and sweetness, but less complexity.

Finish: Spice and earth, with anise, syrup, and lingering gravel and creosotey hints.

Stuart:

Nose: Just a flicker of grassiness which soon evolves into rich, intense aromas of earthy malt and brioche.

Palate: Dense, tightly knit and full bodied. A lot going on here. Tropical fruit, almonds, gutsy earthiness and grippy peat. Let this one develop in the glass – the whisky will thank you for it.

Finish: That nagging earthiness continues, as does the peat.

Annoyingly for us UK-based retailers there is a third whisky in the Peaty range — Tushkar. Annoying because it’s exclusive to Sweden, where anCnoc is hugely popular, and we won’t be seeing it on this side of the North Sea.

anCnoc Tushkar

anCnoc Tushkar, 46%. 15ppm

Billy:

Nose: Lots of buttery sweetness — spiced cake batter, pine needles, mint, pear drops and Jelly Tots. Dessicated coconut, lemon oil. Vanilla develops, along with smoke, although the latter sits behind. Tweedy peat with musty blankets, foresty touches. Eventually lots of mustiness shows, especially after tasting.

Palate: Again quite minerally up front — old firepits and rockpool touches. Goes quite green and vegetal on the way to a central sweetness with fruity sweets, and then veers back off into the grass — more leaves, stacked grass and some apple peel sourness. Water kills the smoke and reveals masses of fruit — Jelly Tots, jelly and gummi chews — as well as some menthol, mint and syrup.

Finish: Quite confected, with sweetener and jelly fruits. Fruitiness lingers with some gravel and smoke coming through. Sweetness hangs around.

Stuart:

Nose: Nice balance between peat smoke and honeyed pear drops.

Palate: Very rich and peaty, blossoming into complex spiciness softened with honey. Appealing freshly baked bread character with a touch of salinity.

Finish: Long, with the peat and smoke dominating.

A successful experiment and one that I suspect we may see repeated from the other Inver House distilleries. I know at least Balblair is making smoky spirit already, as I tried it when I visited back in early 2011. That spirit will be legally whisky in about a month, so if the anCnoc whiskies make the impression we think they will, we may well see their sibling distillers bottling something similar…

 

Originally published on The Whisky Exchange Blog – Peaty AnCnoc – Rutter and Flaughter

Article source: http://www.whiskyintelligence.com/2014/04/the-whisky-exchange-peaty-ancnoc-rutter-and-flaughter-scotch-whisky-news/

Single Malts Direct “Whiskies of Scotland” Tasting At The Spirit of Speyside Whisky Festival 1st – 5th May 2014 – Scotch Whisky News

 AA SMD 2

 AA SMD Range

I (Ronnie Routledge) will be holding two tutored tastings during the Spirit of Speyside Whisky Festival this year and presenting a cracking little selection of single cask whiskies from our very own “Whiskies of Scotland” range. I have chosen each bottling for its uniqueness and outstanding distillery character and have come up with a selection of whiskies that are either close to my heart or blew me away. They include Aberlour 19yo from 1st fill bourbon, a Bunnahabhain 25yo from refill sherry, a lightly sherried Cragganmore 20yo from an octave, and two newly bottled expressions; a Longmorn 17yo and a Deanston 19yo. All are unchill filtered, natural strength and natural colour, I don’t think you’ll be disappointed!!
 
My tastings are at 2.00pm on Friday 2nd and Saturday 3rd May at the Gordon Arms Hotel, The Square, Huntly and tickets are £20.00 per head. Book online via the Spirit of Speyside Whisky Festival website (below) or contact me on  +44 (0) 845 6066145+44 (0) 845 6066145 or ronnie@singlemaltsdirect.com to reserve your spaces.

AA SMD Store

Click on the image above to be re-directed to the festival website!

During the festival weekend our store is open:
Thurs 1st 10.00am – 6.00pm
Fri 2nd 10.00am – 6.00pm
Sat 3rd 10.00am – 5.00pm
Sun 4th 12.00 noon – 5.00pm
36 Gordon Street, Huntly, Aberdeenshire, AB54 8EQ   Tel: +44 (0) 845 6066145+44 (0) 845 6066145
 
Remember, anything you purchase from our store can be shipped home to save you carrying it around including the USA.

Slainte, Ronnie Routledge.
e: ronnie@singlemaltsdirect.com t: +44 845 6066145

 

Article source: http://www.whiskyintelligence.com/2014/04/single-malts-direct-whiskies-of-scotland-tasting-at-the-spirit-of-speyside-whisky-festival-1st-5th-may-2014-scotch-whisky-news/

DEWAR’S LAUNCHES NEW PACKAGING AND BOTTLE DESIGN; BACKED BY “TRUE SCOTCH SINCE 1846” GLOBAL MARKETING CAMPAIGN – Scotch Whisky News

Dewar's Line Up

DEWAR’S LAUNCHES NEW PACKAGING AND BOTTLE DESIGN;

BACKED BY “TRUE SCOTCH SINCE 1846” GLOBAL MARKETING CAMPAIGN 

Glasgow, Scotland, April 7, 2014 –DEWAR’S®, the world’s most awarded blended Scotch whisky, today announced the launch of its exciting new visual identity and bottle design. This major evolution in the storied Scotch founded by John Dewar in 1846 is being supported by a global multimedia campaign rooted in the brand’s authenticity and legendary heritage to take the iconic brand into the future. 

All brand activity moving forward will be under the banner of TRUE SCOTCH SINCE 1846™ – capturing DEWAR’S status as the definitive blended Scotch whisky, distinguished by its peerless provenance, quality and craft. 

To celebrate TRUE SCOTCH, the core brand range will be adorned in new packaging that brings to life DEWAR’S remarkable heritage, enabling consumers to hold a piece of the DEWAR’S story in their hands every time they pick up a bottle. 

“We are immensely proud of DEWAR’S heritage, and the quality and skill that it has embodied for the past 168 years. TRUE SCOTCH, coupled with the new design, is our way to connect with the past, while embarking on an exhilarating journey into the future,” says John Burke, Global Category Director for DEWAR’S. “Our new marketing campaign tells the story of the brand and the exquisite liquid in a real and tangible way, giving every consumer the opportunity to connect with DEWAR’S history.” 

The DEWAR’S new look and feel begins with a distinctive shape for each bottle in the range. Excellence is expressed in every aspect – from the bold colors, stoppers and seals, to presentation boxes, labeling, bespoke typefaces and product information – all inspired and sourced from the extensive brand archive in Scotland. The labels on the new DEWAR’S bottles incorporate a wealth of special features to help consumers discover the stories behind the Scotch whisky. In addition, all DEWAR’S premium and super-premium whiskies carry individual statements of aging and provenance. As a nod to its heritage and exceptional craft, each bottle of DEWAR’S Signature comes with the unique certificate of authenticity, signed by the Master Blender. 

The most distinctive feature of the new DEWAR’S look is the trefoil Celtic truth knot that has been embossed onto the glass of every bottle. A powerful visual representation of DEWAR’S strength and longevity shows three interlocking ‘D’s that represent the three men of substance who created the company that endures to this day – John Dewar and his sons, John Alexander Dewar and Tommy Dewar. The design is intended to embody Tommy Dewar’s famous and widely quoted maxim that “the quality of the article should be its greatest advertisement.” 

The new DEWAR’S visual identity will launch this month in the United Kingdom, Spain and Greece, followed by all other markets, including the United States, Global Travel Retail, Russia, India and Lebanon. It will be incorporated into all point-of-sale and merchandising assets, to strengthen the impact and differentiation of the brand range.  

Dewars 12 YO (with box)[2][1]

The TRUE SCOTCH platform is built on heavyweight foundations. After establishing his wines and spirits business in Perth, Scotland, John Dewar put his name on a bottle of blended Scotch, becoming reputedly the first person ever to do so and making DEWAR’S the world’s original brand of blended Scotch whisky. It was DEWAR’S first Master Blender, A J Cameron, who pioneered the process of “marrying” – maturing Scotch whisky in oak barrels for up to six months after blending – which gives DEWAR’S its unique smoothness and finish. In 1893, DEWAR’S was awarded a Royal Warrant by Queen Victoria, and it continues to supply the royal household to this day. 

Revered by discerning Scotch whisky drinkers around the globe, John Dewar Sons has won more than 500 medals for quality and taste. DEWAR’S is, in fact,  the most-awarded blended Scotch whisky in history, and DEWAR’S White Label, with its distinctive heather and honey character, is currently the best-selling blended Scotch in the United States. 

“Under the banner of TRUE SCOTCH, the new DEWAR’S visual identity is designed to intrigue and engage consumers in the most direct way possible – bringing the values, aspirations and authenticity of this unique whisky to life, while showing how relevant these qualities remain,” adds John Burke. “Throughout its history, DEWAR’S has set the standard for Scotch whisky, paving the way for the title of TRUE SCOTCH SINCE 1846.” 

TRUE SCOTCH serves as the perfect springboard for LIVE TRUE™, the brand’s marketing campaign in select markets. LIVE TRUE focuses on extraordinary people around the world who live according to their own convictions and principles, people who value authenticity above everything – just like John Dewar himself. 

Backed by a large-scale media drive across print, broadcast, outdoor, digital and social channels, the campaign focuses on the stories and experiences of those who actively pursue their dreams and embody the founding ideals of John Dewar. Having launched with great success across key European and Asian markets, the LIVE TRUE campaign will roll out across select markets during the remainder of 2014. 

To mark this new era, DEWAR’S World of Whisky, the visitor center situated in the brand’s spiritual home of Aberfeldy in the Scottish Highlands, will reopen to the public later in April. Visitors will be able to experience the DEWAR’S story and view unique brand artifacts and memorabilia within the distillery built by John Alexander Dewar in 1896, just a few miles from his father’s birthplace. 

For more information on DEWAR’S, TRUE SCOTCH SINCE 1846, LIVE TRUE and DEWAR’S World of Whisky, visit www.dewars.com

Dewars White Label (with box)  copy[2][1]

ENJOY RESPONSIBLY

www.dewars.com 

About DEWAR’S Blended Scotch Whisky

Founded in 1846 by John Dewar, DEWAR’S® has grown from a small wine and spirits merchant shop in the Highlands of Scotland, to one of the largest Scotch whisky brands in the world. Best known for its iconic DEWAR’S White Label, the best-selling blended Scotch whisky in the United States, the portfolio has expanded to comprise a portfolio of premium and super-premium whiskies, including DEWAR’S 12 Year-Old, DEWAR’S 18 Year-Old, and the exclusive DEWAR’S Signature. 

DEWAR’S 12 Year-Old, DEWAR’S 18 Year-Old, and DEWAR’S Signature are all crafted using the DEWAR’S double-ageing process. Pioneered by Dewar’s in 1899, it involves returning the hand-crafted blend to vintage oak casks for further maturation. The result is a smoother taste with a long, lingering finish; an extra step that is simply worth doing. A taste that wins medals and applause everywhere, making DEWAR’S the world’s most-awarded blended Scotch whisky. 

The DEWAR’S brand is part of the portfolio of Bacardi Limited, headquartered in Hamilton, Bermuda. Bacardi Limited refers to the Bacardi group of companies, including Bacardi International Limited.  

DEWAR’S, WHITE LABEL, LIVE TRUE AND TRUE SCOTCH ARE TRADEMARKS

Article source: http://www.whiskyintelligence.com/2014/04/dewars-launches-new-packaging-and-bottle-design-backed-by-true-scotch-since-1846-global-marketing-campaign-scotch-whisky-news/

Glen Garioch Mystery Dram

Glenglassaugh Tasting Gent

EventsGeplaatst door Mark Dermul wo, april 23, 2014 06:27:09

U bent van ons gewend dat verslagen van tastings kort volgen op het evenement zelf, maar in dit geval vertrok de schrijver/proever van dienst daags nadien naar het zonovergoten Tunesië voor een welverdiende familievakantie. Maar niet getreurd, hieronder volgt een uitgebreid verslag van de geweldige Glenglassaugh Tasting met Douglas Cook, die plaatsvond in Gent op 10 april.

Douglas was trouwens aan zijn allereerste toer door ons Belgenland begonnen om Glenglassaugh voor te stellen. Het wordt overigens ‘glen-glassa’ uitgesproken, niet meer of niet minder. Maak het uzelf gemakkelijk, zou ik zeggen.

De debatten werden geopend met een eenvoudig aperootje dat al langer op de markt is, nl. de Spirit Drink That Dare Not Speak Its Name. We proefden hem al eerder.

Daarna volgde een botteling waarmee enkele jaren geleden de nieuwe productie werd aangekondigd, namelijk de Glenglassaugh Revival.

Hij was flink zoet op de neus met kweepeer en rood fruit, maar ook honing en een toets van aarde. Dat komt ongetwijfeld van het feit dat het een mix is van bourbon en rioja vaten. Dat geheel werd dan nog eens 6 maanden gefinished op olorososherryvaten, wat dan weer doorschemert op smaak. Thee met een licht zuurtje en karamelappels. De finish is betrekkelijk lang met een zurig bittertje (wat?).

Na de Revival kwam de Glenglassaugh Evolution aan de beurt, die we eveneens al eerder geproefd hebben – we maakten er zelfs een videootje van, dus neem gerust een kijkje om deze whisky beter te leren kennen.

Zo kunnen we meteen overschakelen naar de Glenglassaugh Torfa, die zoals de naam al doet vermoeden, een rijkelijk geturfde versie van deze Highlander is. En het moet gezegd: hij is erg lekker! Doet me nogal aan Caol Ila denken, maar met een tropische en tegelijkertijd herbale toets. Lijnzaadolie? Op smaak krijg ik flink wat heidekruid, tropisch fruit en een zilt randje. Mooie, lange en kruidige afdronk. Hier heb ik mij een flesje van meegepakt!

Dan was het tijd voor het grote werk. Douglas had namelijk nog drie speciale flessen mee, waarvan ik vermoed dat ik niet nog eens de kans zal krijgen ze te proeven. De eerste was de Glenglassaugh 30 Year Old, gebotteld op 44,8% ABV. Flink wat banaan en een tikkeltje drop op de neus, maar ook pruimen en ananas, terwijl hij op smaak dan weer evolueert naar overrijpe mango en zoethout. De licht drogende finish vertoont wat tannine, maar niets wat niet door de beugel kan. Een echte topper, gerijpt op een refill oloroso sherryvat.

Wat daarna volgde was wel een absoluut specialleke. Het is namelijk een Glenglassaugh die reeds lang is uitverkocht en het was de laatste fles die nog in België beschikbaar was. We hebben ze even uitgekuist. Het gaat om de Glenglassaugh 1973 Rare Cask Series, gebotteld op 55,1%. Deze 34-jarige whisky offreerde op de neus zoet maar tevens droog fruit, kruisbessensap en tropisch zoete wijn, gestoofde appels en wat kaneel. Op smaak kwamen daar abrikoos, perzik, passievrucht en zelfs wat kumquat bij, die zachtjes uitdoofden in de medium lange finish. Hier werd ik toch efkes stil van.

De laatste dram van de avond kwam van een botteling die zelfs nog niet beschikbaar was op dat ogenblik. Douglas pakte een verpakking, fles en de whisky mee uit de bottelarij om hem toch maar te kunnen presenteren. We zijn daar niet boos om. Het betrof de Glenglassaugh 1978 Rare Cask Series, gebotteld op 41,7% en vanaf deze week beschikbaar voor wie zo’n 350 tot 400 EUR hiervoor veil heeft. Hij hoort in de Massandre Collection en rijpte op Madeiravaten uit de Krim (waar het nu een tikkeltje onrustig is). Die Madeira-zoetheid vertaalt zich onmiddellijk tot romige meloen en eucalyptus op de neus, gevolgd door een pruim en gedroogde abrikozen op smaak. De lange finish is nogal droog, maar dat dit een absolute topper is, behoeft geen twijfel.

Ja, deze tasting was zeer de moeite waard, hoor. Volgens mij is Glenglassaugh een beetje een nobele onbekende, maar daar zullen Billy Walker en zijn team ongetwijfeld verandering in brengen. Sinds maart 2013 staan zij immers aan het roer van deze pas in 2008 herrezen Highlander. Een distilleerderij om in het oog te houden!

Thanks, Douglas, for your interesting exposé and the wonderful drams.

  • Reacties(0)//blog.whivie.be/#post2522

Article source: http://iloapp.whivie.be/blog/blog?Home&post=2525

Back in Stock & New Arrivals at K&L California – Whisky News

kl_logo_trans

NEW ARRIVALS

Scotland – Single Malt Scotch

  • Bruichladdich Islay Barley Single Malt Whisky 750ml ($59.99)
  • Port Charlotte Scottish Barley Heavily Peated Single Malt Whisky 750ml ($55.99)

United States – Bourbon and Rye

  • Jim Beam Black 8 Year Old Kentucky Bourbon 1L – 10 available ($27.99)

United States – Single Malt Scotch

  • Lost Spirits Distillery Umami Single Malt Whiskey 750ml – 7 available ($59.99)

BACK IN STOCK

Scotland – Single Malt Scotch

  • Laphroaig “Triple Wood” Islay Single Malt Whisky 750ml ($64.99)

United States – Bourbon and Rye

  • Jim Beam Single Barrel Kentucky Bourbon 750ml – 7 available ($29.99)
  • Peach Street Colorado Striaght Bourbon Whiskey 750ml – 4 available ($62.99)

KL Wine Merchants
http://www.klwines.com
Phone: 877-KLWines (toll free 877-559-4637)
Email: wine@klwines.com
San Francisco, Redwood City, Hollywood CA

KL-emailheader

Article source: http://www.whiskyintelligence.com/2014/04/back-in-stock-new-arrivals-at-kl-california-whisky-news/

Bowmore Limited Edition Chocolate Bars

Glenglassaugh Tasting Gent

EventsGeplaatst door Mark Dermul wo, april 23, 2014 06:27:09

U bent van ons gewend dat verslagen van tastings kort volgen op het evenement zelf, maar in dit geval vertrok de schrijver/proever van dienst daags nadien naar het zonovergoten Tunesië voor een welverdiende familievakantie. Maar niet getreurd, hieronder volgt een uitgebreid verslag van de geweldige Glenglassaugh Tasting met Douglas Cook, die plaatsvond in Gent op 10 april.

Douglas was trouwens aan zijn allereerste toer door ons Belgenland begonnen om Glenglassaugh voor te stellen. Het wordt overigens ‘glen-glassa’ uitgesproken, niet meer of niet minder. Maak het uzelf gemakkelijk, zou ik zeggen.

De debatten werden geopend met een eenvoudig aperootje dat al langer op de markt is, nl. de Spirit Drink That Dare Not Speak Its Name. We proefden hem al eerder.

Daarna volgde een botteling waarmee enkele jaren geleden de nieuwe productie werd aangekondigd, namelijk de Glenglassaugh Revival.

Hij was flink zoet op de neus met kweepeer en rood fruit, maar ook honing en een toets van aarde. Dat komt ongetwijfeld van het feit dat het een mix is van bourbon en rioja vaten. Dat geheel werd dan nog eens 6 maanden gefinished op olorososherryvaten, wat dan weer doorschemert op smaak. Thee met een licht zuurtje en karamelappels. De finish is betrekkelijk lang met een zurig bittertje (wat?).

Na de Revival kwam de Glenglassaugh Evolution aan de beurt, die we eveneens al eerder geproefd hebben – we maakten er zelfs een videootje van, dus neem gerust een kijkje om deze whisky beter te leren kennen.

Zo kunnen we meteen overschakelen naar de Glenglassaugh Torfa, die zoals de naam al doet vermoeden, een rijkelijk geturfde versie van deze Highlander is. En het moet gezegd: hij is erg lekker! Doet me nogal aan Caol Ila denken, maar met een tropische en tegelijkertijd herbale toets. Lijnzaadolie? Op smaak krijg ik flink wat heidekruid, tropisch fruit en een zilt randje. Mooie, lange en kruidige afdronk. Hier heb ik mij een flesje van meegepakt!

Dan was het tijd voor het grote werk. Douglas had namelijk nog drie speciale flessen mee, waarvan ik vermoed dat ik niet nog eens de kans zal krijgen ze te proeven. De eerste was de Glenglassaugh 30 Year Old, gebotteld op 44,8% ABV. Flink wat banaan en een tikkeltje drop op de neus, maar ook pruimen en ananas, terwijl hij op smaak dan weer evolueert naar overrijpe mango en zoethout. De licht drogende finish vertoont wat tannine, maar niets wat niet door de beugel kan. Een echte topper, gerijpt op een refill oloroso sherryvat.

Wat daarna volgde was wel een absoluut specialleke. Het is namelijk een Glenglassaugh die reeds lang is uitverkocht en het was de laatste fles die nog in België beschikbaar was. We hebben ze even uitgekuist. Het gaat om de Glenglassaugh 1973 Rare Cask Series, gebotteld op 55,1%. Deze 34-jarige whisky offreerde op de neus zoet maar tevens droog fruit, kruisbessensap en tropisch zoete wijn, gestoofde appels en wat kaneel. Op smaak kwamen daar abrikoos, perzik, passievrucht en zelfs wat kumquat bij, die zachtjes uitdoofden in de medium lange finish. Hier werd ik toch efkes stil van.

De laatste dram van de avond kwam van een botteling die zelfs nog niet beschikbaar was op dat ogenblik. Douglas pakte een verpakking, fles en de whisky mee uit de bottelarij om hem toch maar te kunnen presenteren. We zijn daar niet boos om. Het betrof de Glenglassaugh 1978 Rare Cask Series, gebotteld op 41,7% en vanaf deze week beschikbaar voor wie zo’n 350 tot 400 EUR hiervoor veil heeft. Hij hoort in de Massandre Collection en rijpte op Madeiravaten uit de Krim (waar het nu een tikkeltje onrustig is). Die Madeira-zoetheid vertaalt zich onmiddellijk tot romige meloen en eucalyptus op de neus, gevolgd door een pruim en gedroogde abrikozen op smaak. De lange finish is nogal droog, maar dat dit een absolute topper is, behoeft geen twijfel.

Ja, deze tasting was zeer de moeite waard, hoor. Volgens mij is Glenglassaugh een beetje een nobele onbekende, maar daar zullen Billy Walker en zijn team ongetwijfeld verandering in brengen. Sinds maart 2013 staan zij immers aan het roer van deze pas in 2008 herrezen Highlander. Een distilleerderij om in het oog te houden!

Thanks, Douglas, for your interesting exposé and the wonderful drams.

  • Reacties(0)//blog.whivie.be/#post2522

Article source: http://iloapp.whivie.be/blog/blog?Home&post=2524

Mark’s Whisky Ramblings 85: Glenglassaugh Torfa

Glenglassaugh Tasting Gent

EventsGeplaatst door Mark Dermul wo, april 23, 2014 06:27:09

U bent van ons gewend dat verslagen van tastings kort volgen op het evenement zelf, maar in dit geval vertrok de schrijver/proever van dienst daags nadien naar het zonovergoten Tunesië voor een welverdiende familievakantie. Maar niet getreurd, hieronder volgt een uitgebreid verslag van de geweldige Glenglassaugh Tasting met Douglas Cook, die plaatsvond in Gent op 10 april.

Douglas was trouwens aan zijn allereerste toer door ons Belgenland begonnen om Glenglassaugh voor te stellen. Het wordt overigens ‘glen-glassa’ uitgesproken, niet meer of niet minder. Maak het uzelf gemakkelijk, zou ik zeggen.

De debatten werden geopend met een eenvoudig aperootje dat al langer op de markt is, nl. de Spirit Drink That Dare Not Speak Its Name. We proefden hem al eerder.

Daarna volgde een botteling waarmee enkele jaren geleden de nieuwe productie werd aangekondigd, namelijk de Glenglassaugh Revival.

Hij was flink zoet op de neus met kweepeer en rood fruit, maar ook honing en een toets van aarde. Dat komt ongetwijfeld van het feit dat het een mix is van bourbon en rioja vaten. Dat geheel werd dan nog eens 6 maanden gefinished op olorososherryvaten, wat dan weer doorschemert op smaak. Thee met een licht zuurtje en karamelappels. De finish is betrekkelijk lang met een zurig bittertje (wat?).

Na de Revival kwam de Glenglassaugh Evolution aan de beurt, die we eveneens al eerder geproefd hebben – we maakten er zelfs een videootje van, dus neem gerust een kijkje om deze whisky beter te leren kennen.

Zo kunnen we meteen overschakelen naar de Glenglassaugh Torfa, die zoals de naam al doet vermoeden, een rijkelijk geturfde versie van deze Highlander is. En het moet gezegd: hij is erg lekker! Doet me nogal aan Caol Ila denken, maar met een tropische en tegelijkertijd herbale toets. Lijnzaadolie? Op smaak krijg ik flink wat heidekruid, tropisch fruit en een zilt randje. Mooie, lange en kruidige afdronk. Hier heb ik mij een flesje van meegepakt!

Dan was het tijd voor het grote werk. Douglas had namelijk nog drie speciale flessen mee, waarvan ik vermoed dat ik niet nog eens de kans zal krijgen ze te proeven. De eerste was de Glenglassaugh 30 Year Old, gebotteld op 44,8% ABV. Flink wat banaan en een tikkeltje drop op de neus, maar ook pruimen en ananas, terwijl hij op smaak dan weer evolueert naar overrijpe mango en zoethout. De licht drogende finish vertoont wat tannine, maar niets wat niet door de beugel kan. Een echte topper, gerijpt op een refill oloroso sherryvat.

Wat daarna volgde was wel een absoluut specialleke. Het is namelijk een Glenglassaugh die reeds lang is uitverkocht en het was de laatste fles die nog in België beschikbaar was. We hebben ze even uitgekuist. Het gaat om de Glenglassaugh 1973 Rare Cask Series, gebotteld op 55,1%. Deze 34-jarige whisky offreerde op de neus zoet maar tevens droog fruit, kruisbessensap en tropisch zoete wijn, gestoofde appels en wat kaneel. Op smaak kwamen daar abrikoos, perzik, passievrucht en zelfs wat kumquat bij, die zachtjes uitdoofden in de medium lange finish. Hier werd ik toch efkes stil van.

De laatste dram van de avond kwam van een botteling die zelfs nog niet beschikbaar was op dat ogenblik. Douglas pakte een verpakking, fles en de whisky mee uit de bottelarij om hem toch maar te kunnen presenteren. We zijn daar niet boos om. Het betrof de Glenglassaugh 1978 Rare Cask Series, gebotteld op 41,7% en vanaf deze week beschikbaar voor wie zo’n 350 tot 400 EUR hiervoor veil heeft. Hij hoort in de Massandre Collection en rijpte op Madeiravaten uit de Krim (waar het nu een tikkeltje onrustig is). Die Madeira-zoetheid vertaalt zich onmiddellijk tot romige meloen en eucalyptus op de neus, gevolgd door een pruim en gedroogde abrikozen op smaak. De lange finish is nogal droog, maar dat dit een absolute topper is, behoeft geen twijfel.

Ja, deze tasting was zeer de moeite waard, hoor. Volgens mij is Glenglassaugh een beetje een nobele onbekende, maar daar zullen Billy Walker en zijn team ongetwijfeld verandering in brengen. Sinds maart 2013 staan zij immers aan het roer van deze pas in 2008 herrezen Highlander. Een distilleerderij om in het oog te houden!

Thanks, Douglas, for your interesting exposé and the wonderful drams.

  • Reacties(0)//blog.whivie.be/#post2522

Article source: http://iloapp.whivie.be/blog/blog?Home&post=2523